De or het zwanenpaar?

The correct Dutch article is:

het zwanenpaar

  • Plural: de zwanenparen
Meaning (Dutch) 2 zwanen die samen een koppel vormen

How to use zwanenpaar

the zwanenpaarhet zwanenpaar
this zwanenpaardit zwanenpaar
that zwanenpaardat zwanenpaar
our zwanenpaarons zwanenpaar
your zwanenpaarjouw zwanenpaar
every zwanenpaarelk zwanenpaar
which zwanenpaar?welk zwanenpaar?
a big zwanenpaar / the big zwanenpaareen groot zwanenpaar, het grote zwanenpaar
the zwanenpaar (plural)de zwanenparen, deze zwanenparen

Example sentences with zwanenpaar

  • Eén van de vier kuikens van het zwarte zwanenpaar in het Rogmanspark in Almelo is gesneuveld. Dat gebeurde toen medewerkers van de gemeente het jonge grut probeerden te vangen met een net.
  • Ongetwijfeld zal het zeer zachte weer van de afgelopen weken ertoe hebben bijgedragen dat dit zwanenpaar op een natuurvijver in Eibergen al midden in de winter baltsend werd gezien.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).