De or het zoom?

The correct Dutch article is:

de zoom

  • English: border, brim, brink
  • Plural: de zomen
  • Diminutive: het zoompje
Meaning (Dutch) 1. rand aan de buitenkant 2. tegen uitrafeling beschermende omslag van het uiteinde van een kledingstuk

How to use zoom

the borderde zoom
this borderdeze zoom
that borderdie zoom
our borderonze zoom
your borderjouw zoom
every borderelke zoom
which border?welke zoom?
a big border / the big bordereen grote zoom, de grote zoom
the border (plural)de zomen, deze zomen

Example sentences with zoom

  • Ik moet er nog even een zoom in zetten.
  • Warmer water knabbelt aan de winterse zoom van de Herengracht, die haar doet denken aan opengewerkt kant, de voering van een reusachtige wieg.

Dutch words ending in zoom

schildzoom | dagzoom | rizoom | rolzoom | krulzoom | elzenkrulzoom | zwartvoetkrulzoom | binnenzoom

In compound words, the last part decides the article. See the rule

Dutch words starting with zoom

zoomfunctie | zoomlens | zoomobjectief | zoomspanner | zoomstaarttiran | zoomstipspanner | zoomvlekspanner | zoomzombie | zoomwerk

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).