De or het winterpeen?

The correct Dutch article is:

de winterpeen

  • Plural: de winterpenen
  • Diminutive: het winterpeentje
Meaning (Dutch) (voeding) een grote dikke oranje wortel die men in de winter eet

How to use winterpeen

the winterpeende winterpeen
this winterpeendeze winterpeen
that winterpeendie winterpeen
our winterpeenonze winterpeen
your winterpeenjouw winterpeen
every winterpeenelke winterpeen
which winterpeen?welke winterpeen?
a big winterpeen / the big winterpeeneen grote winterpeen, de grote winterpeen
the winterpeen (plural)de winterpenen, deze winterpenen

Example sentences with winterpeen

  • Zet een grote pan met de spliterwten, de knolselderij, de winterpeen, de prei, de aardappelen, het spek, het selderijblad …
  • De kip, aardappelen, winterpeen, ui, olijven belanden met flink wat olijfolie in de tajine.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).