De or het vanzelfsprekendheid?

The correct Dutch article is:

de vanzelfsprekendheid

  • English: surety, casualness, self-evidence
  • Plural: de vanzelfsprekendheden
Rule Words ending in -heid: almost always de. See the rule
Meaning (Dutch) iets dat zo logisch te verwachten is dat men het niet expliciet hoeft te vertellen of te bewijzen

How to use vanzelfsprekendheid

the suretyde vanzelfsprekendheid
this suretydeze vanzelfsprekendheid
that suretydie vanzelfsprekendheid
our suretyonze vanzelfsprekendheid
your suretyjouw vanzelfsprekendheid
every suretyelke vanzelfsprekendheid
which surety?welke vanzelfsprekendheid?
a big surety / the big suretyeen grote vanzelfsprekendheid, de grote vanzelfsprekendheid
the surety (plural)de vanzelfsprekendheden, deze vanzelfsprekendheden

Example sentences with vanzelfsprekendheid

  • Komt helemaal goed.”: Nou is dat laatste geen vanzelfsprekendheid in het Enschedese voetbal, weten ook deze 22 brave borsten die door schade en schande wijs lijken geworden.
  • Meer omzet is in de winkelstraat al lang geen vanzelfsprekendheid meer.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).