De or het vakantiewerker?

The correct Dutch article is:

de vakantiewerker

  • Plural: de vakantiewerkers
  • Diminutive: het vakantiewerkertje
Meaning (Dutch) iemand die vakantiewerk doet

How to use vakantiewerker

the vakantiewerkerde vakantiewerker
this vakantiewerkerdeze vakantiewerker
that vakantiewerkerdie vakantiewerker
our vakantiewerkeronze vakantiewerker
your vakantiewerkerjouw vakantiewerker
every vakantiewerkerelke vakantiewerker
which vakantiewerker?welke vakantiewerker?
a big vakantiewerker / the big vakantiewerkereen grote vakantiewerker, de grote vakantiewerker
the vakantiewerker (plural)de vakantiewerkers, deze vakantiewerkers

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).