De or het terugkomdag?

The correct Dutch article is:

de terugkomdag

  • Plural: de terugkomdagen
  • Diminutive: het terugkomdagje
Meaning (Dutch) 1. dag dat men als groep weer bij elkaar komt nadat men eerst uiteen is gegaan 2. (onderwijs) dag dat leerlingen die stage lopen weer samenkomen in een onderwijsinstelling

How to use terugkomdag

the terugkomdagde terugkomdag
this terugkomdagdeze terugkomdag
that terugkomdagdie terugkomdag
our terugkomdagonze terugkomdag
your terugkomdagjouw terugkomdag
every terugkomdagelke terugkomdag
which terugkomdag?welke terugkomdag?
a big terugkomdag / the big terugkomdageen grote terugkomdag, de grote terugkomdag
the terugkomdag (plural)de terugkomdagen, deze terugkomdagen

Example sentences with terugkomdag

  • Vandaag organiseerde het ministerie van Buitenlandse Zaken een terugkomdag.
  • De kinderen moeten het vooral zelf gaan doen, met af en toe een terugkomdag.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).