De or het taalexamen?

The correct Dutch article is:

het taalexamen

  • Plural: de taalexamens
  • Diminutive: het taalexamentje
Meaning (Dutch) (onderwijs) toets waarmee men kan bepalen hoeveel taalkennis en taalvaardigheid iemand heeft

How to use taalexamen

the taalexamenhet taalexamen
this taalexamendit taalexamen
that taalexamendat taalexamen
our taalexamenons taalexamen
your taalexamenjouw taalexamen
every taalexamenelk taalexamen
which taalexamen?welk taalexamen?
a big taalexamen / the big taalexameneen groot taalexamen, het grote taalexamen
the taalexamen (plural)de taalexamens, deze taalexamens

Example sentences with taalexamen

  • Dehaene: „Wie verkozen worden in het Europees Parlement moeten geen taalexamen hoeven doen in het Engels voor ze mogen beginnen.
  • Voor het Duitse taalexamen slaagde ze cum laude.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).