De or het rijdag?

The correct Dutch article is:

de rijdag

  • Plural: de rijdagen
Meaning (Dutch) dag dat men rijdt

How to use rijdag

the rijdagde rijdag
this rijdagdeze rijdag
that rijdagdie rijdag
our rijdagonze rijdag
your rijdagjouw rijdag
every rijdagelke rijdag
which rijdag?welke rijdag?
a big rijdag / the big rijdageen grote rijdag, de grote rijdag
the rijdag (plural)de rijdagen, deze rijdagen

Example sentences with rijdag

  • Op de eerste rijdag slaan de paarden niet op hol. Routinematig werken ze de route (Van Loenshof, Zuiderhagen, Markstraat, Oude Markt, Langestraat, Klokkenplas en eindpunt Ei van Ko) af.
  • Enorme trucks scheuren je moeiteloos voorbij; de wind heeft veel vat op onze camper en we moeten heuvel op en af en dat alles vraagt zo’n eerste echte rijdag nogal wat van je stuurkunst.

Dutch words ending in rijdag

vrijdag

In compound words, the last part decides the article. See the rule

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).