De or het paasklok?

The correct Dutch article is:

de paasklok

  • Plural: de paasklokken
  • Diminutive: het paasklokje
Meaning (Dutch) de klok die in Vlaanderen de paaseieren brengt

How to use paasklok

the paasklokde paasklok
this paasklokdeze paasklok
that paasklokdie paasklok
our paasklokonze paasklok
your paasklokjouw paasklok
every paasklokelke paasklok
which paasklok?welke paasklok?
a big paasklok / the big paasklokeen grote paasklok, de grote paasklok
the paasklok (plural)de paasklokken, deze paasklokken

Example sentences with paasklok

  • Maken wij de kinderen wijs dat het de paashaas is die de eieren verstopt, in Frankrijk en België draait het om paasklokken.
  • Als de paasklokken uw tuin schandelijk over het hoofd zouden zien, dan kunt u zondag nog altijd paaseitjes gaan rapen in Brussel.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).