De or het oventijd?

The correct Dutch article is:

de oventijd

  • Plural: de oventijden
  • Diminutive: het oventijdje
Meaning (Dutch) tijd dat iets in de oven moet staat tijdens de bereiding

How to use oventijd

the oventijdde oventijd
this oventijddeze oventijd
that oventijddie oventijd
our oventijdonze oventijd
your oventijdjouw oventijd
every oventijdelke oventijd
which oventijd?welke oventijd?
a big oventijd / the big oventijdeen grote oventijd, de grote oventijd
the oventijd (plural)de oventijden, deze oventijden

Example sentences with oventijd

  • Bereiding: 20 minuten (kan tijdens de oventijd van de varkenshaasjes)
  • Dat heeft te maken met de oventijd en met het volledig afkoelen.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).