De or het ontzegging?

The correct Dutch article is:

de ontzegging

  • Plural: de ontzeggingen
  • Diminutive: het ontzegginkje
Rule Words ending in -ing: almost always de. See the rule
Meaning (Dutch) 1. zichzelf of anderen iets niet geven of laten gebruiken 2. zichzelf of iemand anders iets verbieden

How to use ontzegging

the ontzeggingde ontzegging
this ontzeggingdeze ontzegging
that ontzeggingdie ontzegging
our ontzeggingonze ontzegging
your ontzeggingjouw ontzegging
every ontzeggingelke ontzegging
which ontzegging?welke ontzegging?
a big ontzegging / the big ontzeggingeen grote ontzegging, de grote ontzegging
the ontzegging (plural)de ontzeggingen, deze ontzeggingen

Example sentences with ontzegging

  • Opvallend is de sterke daling van sancties (met 36 procent) en bijkomende straffen, zoals ontzegging van de rijbevoegdheid.
  • Vorig jaar werd hij daarvoor veroordeeld tot 3 jaar cel en ontzegging van het passieve kiesrecht.

Dutch words ending in ontzegging

rijontzegging | winkelontzegging | gebiedsontzegging | verblijfsontzegging

In compound words, the last part decides the article. See the rule

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).