De or het ontstemdheid?

The correct Dutch article is:

de ontstemdheid

Rule Words ending in -heid: almost always de. See the rule
Meaning (Dutch) het boos en geïrriteerd zijn; een onaangename stemming hebben

How to use ontstemdheid

the ontstemdheidde ontstemdheid
this ontstemdheiddeze ontstemdheid
that ontstemdheiddie ontstemdheid
our ontstemdheidonze ontstemdheid
your ontstemdheidjouw ontstemdheid
every ontstemdheidelke ontstemdheid
which ontstemdheid?welke ontstemdheid?
a big ontstemdheid / the big ontstemdheideen grote ontstemdheid, de grote ontstemdheid

Example sentences with ontstemdheid

  • Anderzijds had ik mijn ontstemdheid over zijn gedrag zo duidelijk te kennen gegeven dat hij mij misschien niet wilde vertellen dat hij van plan was zijn fossielen in geld om te zetten.
  • De festivalleiding wil de autoriteiten geen aanleiding geven tot diepe ontstemdheid, maar de deelnemende kunstenaars ook niet te veel in een keurslijf stoppen.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).