De or het naamgever?

The correct Dutch article is:

de naamgever

  • Plural: de naamgevers
Meaning (Dutch) iemand naar wie iets vernoemd is

How to use naamgever

the naamgeverde naamgever
this naamgeverdeze naamgever
that naamgeverdie naamgever
our naamgeveronze naamgever
your naamgeverjouw naamgever
every naamgeverelke naamgever
which naamgever?welke naamgever?
a big naamgever / the big naamgevereen grote naamgever, de grote naamgever
the naamgever (plural)de naamgevers, deze naamgevers

Example sentences with naamgever

  • Kyocera stopt per februari als sponsor en naamgever van het stadion.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).