De or het meespeler?

The correct Dutch article is:

de meespeler

  • Plural: de meespelers
  • Diminutive: het meespelertje
Meaning (Dutch) iemand die meedoet aan een spel

How to use meespeler

the meespelerde meespeler
this meespelerdeze meespeler
that meespelerdie meespeler
our meespeleronze meespeler
your meespelerjouw meespeler
every meespelerelke meespeler
which meespeler?welke meespeler?
a big meespeler / the big meespelereen grote meespeler, de grote meespeler
the meespeler (plural)de meespelers, deze meespelers

Example sentences with meespeler

  • Ondanks enkele problemen met de techniek zijn de makers blij met het grote aantal meespelers.
  • Een ezelsoor, een bloemkooloor of een ringeloor?' Voor sommige meespelers in de niet van de buis te kegelen kennisquiz Een Tegen Honderd was deze vraag al te moeilijk.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).