De or het marketeer?

The correct Dutch article is:

de marketeer

  • Plural: de marketeers
Meaning (Dutch) (bedrijf, beroep) medewerker die zich bezighoud met de verkoop, het aanprijzen van producten van een bedrijf en het onderzoeken van de behoeften van de consumenten

How to use marketeer

the marketeerde marketeer
this marketeerdeze marketeer
that marketeerdie marketeer
our marketeeronze marketeer
your marketeerjouw marketeer
every marketeerelke marketeer
which marketeer?welke marketeer?
a big marketeer / the big marketeereen grote marketeer, de grote marketeer
the marketeer (plural)de marketeers, deze marketeers

Example sentences with marketeer

  • De marketeers wisten dat je de mensen langzaam moet laten wennen.Ook als we vernieuwend willen doen, dragen we ons verleden mee.
  • We willen jongeren aanspreken”, verklaart bedenker en online marketeer Giovanni Zebeda, die zelf een Surinaamse achtergrond heeft.,,Tijdens krapte op de arbeidsmarkt wil je wat ludieks doen.”

Dutch words ending in marketeer

telemarketeer

In compound words, the last part decides the article. See the rule

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).