De or het lesweek?

The correct Dutch article is:

de lesweek

  • Plural: de lesweken
Meaning (Dutch) periode van een week dat men lesgeeft op een school

How to use lesweek

the lesweekde lesweek
this lesweekdeze lesweek
that lesweekdie lesweek
our lesweekonze lesweek
your lesweekjouw lesweek
every lesweekelke lesweek
which lesweek?welke lesweek?
a big lesweek / the big lesweekeen grote lesweek, de grote lesweek
the lesweek (plural)de lesweken, deze lesweken

Example sentences with lesweek

  • De vakantie staat voor de deur, de sfeer is ongedwongen en staat het toe om verhalen te mogen horen die tijdens een drukke lesweek vaak onder het oppervlak blijven.
  • Kaliber Kunstenschool houdt van maandag 25- tot en met vrijdag 29 september een open lesweek in haar onderkomen in multifunctioneel centrum De Holtink aan de Mensinkweg.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).