De or het legoblok?

The correct Dutch article is:

het legoblok

  • Plural: de legoblokken
  • Diminutive: het legoblokje
Meaning (Dutch) (speelgoed) een plastic bouwsteentje met noppen dat gebruikt wordt als speelgoed

How to use legoblok

the legoblokhet legoblok
this legoblokdit legoblok
that legoblokdat legoblok
our legoblokons legoblok
your legoblokjouw legoblok
every legoblokelk legoblok
which legoblok?welk legoblok?
a big legoblok / the big legoblokeen groot legoblok, het grote legoblok
the legoblok (plural)de legoblokken, deze legoblokken

Example sentences with legoblok

  • Voor wie na een bezoek aan Medisch Centrum Hageman naar het centrum loopt, is het een bijzonder obstakel: een betonnen 'legoblok' op het voetpad aan het eind van de parkeerplaats.
  • Het begon spelenderwijs. Tweeënhalf jaar later heeft componist Jeroen van Veen (47) uit Pernis met 30.000 legoblokjes een vleugel gebouwd. Vrijdag geeft hij in Almere zijn eerste optreden.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).