De or het kerktijd?

The correct Dutch article is:

de kerktijd

  • Plural: de kerktijden
Meaning (Dutch) periode dat men naar de kerk gaat; periode dat er kerkdiensten zijn

How to use kerktijd

the kerktijdde kerktijd
this kerktijddeze kerktijd
that kerktijddie kerktijd
our kerktijdonze kerktijd
your kerktijdjouw kerktijd
every kerktijdelke kerktijd
which kerktijd?welke kerktijd?
a big kerktijd / the big kerktijdeen grote kerktijd, de grote kerktijd
the kerktijd (plural)de kerktijden, deze kerktijden

Example sentences with kerktijd

  • Het moest kerktijd zijn, er liep niemand langs de Wimerts.
  • Ferrari, Leo van der Luyt, Chris Blaauboer, Henk Sieben en Frank Genot staken na kerktijd de muzikale hoofden bij elkaar en begonnen een 'sixties/seven- ties'-bandje.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).