De or het inspraaktermijn?

The correct Dutch article is:

de inspraaktermijn

How to use inspraaktermijn

the inspraaktermijnde inspraaktermijn
this inspraaktermijndeze inspraaktermijn
that inspraaktermijndie inspraaktermijn
our inspraaktermijnonze inspraaktermijn
your inspraaktermijnjouw inspraaktermijn
every inspraaktermijnelke inspraaktermijn
which inspraaktermijn?welke inspraaktermijn?
a big inspraaktermijn / the big inspraaktermijneen grote inspraaktermijn, de grote inspraaktermijn