De or het ijsheilige?

The correct Dutch article is:

de ijsheilige

  • English: ice saint
  • Plural: de ijsheiligen
Meaning (Dutch) (religie) (rooms-katholiek) elk van de vier heiligen wier naamdag valt in de periode van 11-14 mei

How to use ijsheilige

the ice saintde ijsheilige
this ice saintdeze ijsheilige
that ice saintdie ijsheilige
our ice saintonze ijsheilige
your ice saintjouw ijsheilige
every ice saintelke ijsheilige
which ice saint?welke ijsheilige?
a big ice saint / the big ice sainteen grote ijsheilige, de grote ijsheilige
the ice saint (plural)de ijsheiligen, deze ijsheiligen

Example sentences with ijsheilige

  • Hij wijst daarbij op een bekend begrip uit de volksweerkunde: de IJsheiligen, de periode van 11 tot 15 mei die wordt gezien als de grens tussen weer met mogelijk nachtvorst en zomers weer.
  • De ijsheiligen doen hun naam daarmee eer aan.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).