De or het hoogseizoen?

The correct Dutch article is:

het hoogseizoen

  • Plural: de hoogseizoenen
  • Diminutive: het hoogseizoentje
Meaning (Dutch) is de tijd waarin de meerderheid van de mensen met vakantie gaat. De periode buiten het hoogseizoen wordt het laagseizoen genoemd.

How to use hoogseizoen

the hoogseizoenhet hoogseizoen
this hoogseizoendit hoogseizoen
that hoogseizoendat hoogseizoen
our hoogseizoenons hoogseizoen
your hoogseizoenjouw hoogseizoen
every hoogseizoenelk hoogseizoen
which hoogseizoen?welk hoogseizoen?
a big hoogseizoen / the big hoogseizoeneen groot hoogseizoen, het grote hoogseizoen
the hoogseizoen (plural)de hoogseizoenen, deze hoogseizoenen

Example sentences with hoogseizoen

  • Voor de wintersportgebieden is de winterperiode het hoogseizoen

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).