De or het ham?

The correct Dutch article is:

de ham

  • English: ham, thigh
  • Plural: de hammen
  • Diminutive: het hammetje
Meaning (Dutch) 1. (voeding) vlees van de achterkant van een varken, gebruikt als onderdeel van gerechten of als broodbeleg 2. (anatomie, verouderd) vlezige achterkant van het bovenbeen

How to use ham

the hamde ham
this hamdeze ham
that hamdie ham
our hamonze ham
your hamjouw ham
every hamelke ham
which ham?welke ham?
a big ham / the big hameen grote ham, de grote ham
the ham (plural)de hammen, deze hammen

Example sentences with ham

  • Tom at een deel van de ham en legde toen de rest in de koelkast. “Tom ate part of the ham, and then put the rest into the refrigerator.”
  • Ik hou van ham en eieren. “I like ham and eggs.”
  • Hamburgers zijn niet gemaakt van ham. “Hamburgers aren't made of ham.”

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).