De or het halfgeleider?

The correct Dutch article is:

de halfgeleider

  • English: semiconductor
  • Plural: de halfgeleiders
  • Diminutive: het halfgeleidertje
Meaning (Dutch) 1. (natuurkunde) een stof die de elektriciteit slecht of alleen in bepaalde omstandigheden geleidt 2. (elektrotechniek, elektronica) een elektronisch onderdeel dat is opgebouwd uit halfgeleidende materialen

How to use halfgeleider

the semiconductorde halfgeleider
this semiconductordeze halfgeleider
that semiconductordie halfgeleider
our semiconductoronze halfgeleider
your semiconductorjouw halfgeleider
every semiconductorelke halfgeleider
which semiconductor?welke halfgeleider?
a big semiconductor / the big semiconductoreen grote halfgeleider, de grote halfgeleider
the semiconductor (plural)de halfgeleiders, deze halfgeleiders

Example sentences with halfgeleider

  • Voor het proefwerk van woensdag moeten jullie ook enkele toepassingen van halfgeleiders kennen.
  • Om dit toestel weer aan de praat te krijgen, moet u de halfgeleider vervangen.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).