De or het groeitijd?

The correct Dutch article is:

de groeitijd

  • Plural: de groeitijden
Meaning (Dutch) 1. de periode van het jaar dat iets groeit 2. de totale tijd die nodig is voor het groeien

How to use groeitijd

the groeitijdde groeitijd
this groeitijddeze groeitijd
that groeitijddie groeitijd
our groeitijdonze groeitijd
your groeitijdjouw groeitijd
every groeitijdelke groeitijd
which groeitijd?welke groeitijd?
a big groeitijd / the big groeitijdeen grote groeitijd, de grote groeitijd
the groeitijd (plural)de groeitijden, deze groeitijden

Example sentences with groeitijd

  • Paddenstoelen hebben hun groeitijd vooral in de herfst.
  • Sommige houtsoorten hebben een langere groeitijd dan anderen.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).