De or het gewoonlijk?

The correct Dutch article is:

het gewoonlijk

How to use gewoonlijk

the gewoonlijkhet gewoonlijk
this gewoonlijkdit gewoonlijk
that gewoonlijkdat gewoonlijk
our gewoonlijkons gewoonlijk
your gewoonlijkjouw gewoonlijk
every gewoonlijkelk gewoonlijk
which gewoonlijk?welk gewoonlijk?
a big gewoonlijk / the big gewoonlijkeen groot gewoonlijk, het grote gewoonlijk