De or het gesleutel?

The correct Dutch article is:

het gesleutel

Meaning (Dutch) 1. het bezig zijn met een auto of machine te onderhouden of te repareren door de machine uit elkaar te halen en weer in elkaar te zetten 2. (figuurlijk) repareren of beter maken door het aanbrengen van kleine wijzigingen

How to use gesleutel

the gesleutelhet gesleutel
this gesleuteldit gesleutel
that gesleuteldat gesleutel
our gesleutelons gesleutel
your gesleuteljouw gesleutel
every gesleutelelk gesleutel
which gesleutel?welk gesleutel?
a big gesleutel / the big gesleuteleen groot gesleutel, het grote gesleutel

Example sentences with gesleutel

  • Hij kijkt naar het geconcentreerde gesleutel aan de auto’s, ruikt het rubber van de banden, proeft de opwinding van een mannensport.
  • Al maanden is reparateur Blind in de weer, maar hij komt niet verder met zijn gesleutel.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).