De or het gepreek?

The correct Dutch article is:

het gepreek

  • English: sermonizing
Meaning (Dutch) (pejoratief) aanhoudend iemand of een groep van mensen vermanend toespreken; aanhoudend mensen de les lezen

How to use gepreek

the sermonizinghet gepreek
this sermonizingdit gepreek
that sermonizingdat gepreek
our sermonizingons gepreek
your sermonizingjouw gepreek
every sermonizingelk gepreek
which sermonizing?welk gepreek?
a big sermonizing / the big sermonizingeen groot gepreek, het grote gepreek

Example sentences with gepreek

  • En ook het gepreek, waar zijn vader zo beroemd om was, is hem niet vreemd: zo houdt hij een tirade tegen de Nigeriaanse regering …
  • En, nu komt de beroemde aap uit de mouw: de goed opgeleide Nederlander heeft geen gepreek meer nodig van deze Haagse regenten.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).