De or het gepoch?

The correct Dutch article is:

het gepoch

  • English: boasting, tall talk, boast
Meaning (Dutch) het voortdurend jezelf loven en prijzen

How to use gepoch

the boastinghet gepoch
this boastingdit gepoch
that boastingdat gepoch
our boastingons gepoch
your boastingjouw gepoch
every boastingelk gepoch
which boasting?welk gepoch?
a big boasting / the big boastingeen groot gepoch, het grote gepoch

Example sentences with gepoch

  • Nu heb ik kaviaar eigenlijk altijd gepoch en dikdoenerij gevonden, maar dit beschuitje was toch niet te versmaden.
  • Maar het gepoch daarover van het bestuur begint zo langzamerhand de keel uit te hangen.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).