De or het geloofsgenoot?

The correct Dutch article is:

de geloofsgenoot

  • Plural: de geloofsgenoten
  • Diminutive: het geloofsgenootje
Meaning (Dutch) iemand die hetzelfde gelooft

How to use geloofsgenoot

the geloofsgenootde geloofsgenoot
this geloofsgenootdeze geloofsgenoot
that geloofsgenootdie geloofsgenoot
our geloofsgenootonze geloofsgenoot
your geloofsgenootjouw geloofsgenoot
every geloofsgenootelke geloofsgenoot
which geloofsgenoot?welke geloofsgenoot?
a big geloofsgenoot / the big geloofsgenooteen grote geloofsgenoot, de grote geloofsgenoot
the geloofsgenoot (plural)de geloofsgenoten, deze geloofsgenoten

Example sentences with geloofsgenoot

  • Ik ben op zoek naar een geloofsgenoot om hierover inhoudelijk te kunnen praten.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).