De or het gebeuzel?

The correct Dutch article is:

het gebeuzel

  • English: dawdling, humbug, tattle
Meaning (Dutch) het aanhoudend uitkramen van onzinnigen, onbeduidende, nietige zaken

How to use gebeuzel

the dawdlinghet gebeuzel
this dawdlingdit gebeuzel
that dawdlingdat gebeuzel
our dawdlingons gebeuzel
your dawdlingjouw gebeuzel
every dawdlingelk gebeuzel
which dawdling?welk gebeuzel?
a big dawdling / the big dawdlingeen groot gebeuzel, het grote gebeuzel

Example sentences with gebeuzel

  • Een enkele keer noemt hij hun exegese Joodse prietpraat en gebeuzel.”
  • Geen gebeuzel en gepolder, getreuzel en geaarzel, wat zo kenmerkend is voor Nederland.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).