De or het gaucho?

The correct Dutch article is:

de gaucho

  • English: gaucho
  • Plural: de gaucho's
Meaning (Dutch) Latijns-Amerikaanse cowboys van Spaanse afkomst

How to use gaucho

the gauchode gaucho
this gauchodeze gaucho
that gauchodie gaucho
our gauchoonze gaucho
your gauchojouw gaucho
every gauchoelke gaucho
which gaucho?welke gaucho?
a big gaucho / the big gauchoeen grote gaucho, de grote gaucho
the gaucho (plural)de gaucho's, deze gaucho's

Example sentences with gaucho

  • Voor biljetten blijven de nog altijd door Groot-Brittannië betwiste Malvinas (Falklands) en de gaucho-paardenrijders.
  • De eigenzinnige gaúchos (bijnaam van de locals) zijn naast hun geschiedenis ook trots op hun eet- en drinkcultuur.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).