De or het fietsenmaakster?

The correct Dutch article is:

de fietsenmaakster

  • Plural: de fietsenmaaksters
Meaning (Dutch) (beroep) vrouwelijke fietsenmaker; vrouw die fietsen repareert

How to use fietsenmaakster

the fietsenmaaksterde fietsenmaakster
this fietsenmaaksterdeze fietsenmaakster
that fietsenmaaksterdie fietsenmaakster
our fietsenmaaksteronze fietsenmaakster
your fietsenmaaksterjouw fietsenmaakster
every fietsenmaaksterelke fietsenmaakster
which fietsenmaakster?welke fietsenmaakster?
a big fietsenmaakster / the big fietsenmaakstereen grote fietsenmaakster, de grote fietsenmaakster
the fietsenmaakster (plural)de fietsenmaaksters, deze fietsenmaaksters

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).