De or het facteur?

The correct Dutch article is:

de facteur

  • Plural: de facteurs
Meaning (Dutch) 1. (beroep) iemand die poststukken bij de geadresseerde bezorgt 2. (beroep, geschiedenis, handel) iemand die in opdracht van een koopman met diens kapitaal handel drijft en als beloning een deel van de behaalde winst mag houden

How to use facteur

the facteurde facteur
this facteurdeze facteur
that facteurdie facteur
our facteuronze facteur
your facteurjouw facteur
every facteurelke facteur
which facteur?welke facteur?
a big facteur / the big facteureen grote facteur, de grote facteur
the facteur (plural)de facteurs, deze facteurs

Example sentences with facteur

  • Twee weken later komt de facteur in zijn vertrouwde gele Renault aanhobbelen over het pad dat naar mijn boerderij leidt.
  • Een koopman geeft zijn facteur 2400 gulden om handel mee te drijven. Van 400 gulden van dit bedrag mag de facteur de winst opstrijken (als beloning).

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).