De or het eigenwoningbezit?

The correct Dutch article is:

het eigenwoningbezit

Meaning (Dutch) het verschijnsel dat de bewoner van een huis ook de eigenaar van dat huis is

How to use eigenwoningbezit

the eigenwoningbezithet eigenwoningbezit
this eigenwoningbezitdit eigenwoningbezit
that eigenwoningbezitdat eigenwoningbezit
our eigenwoningbezitons eigenwoningbezit
your eigenwoningbezitjouw eigenwoningbezit
every eigenwoningbezitelk eigenwoningbezit
which eigenwoningbezit?welk eigenwoningbezit?
a big eigenwoningbezit / the big eigenwoningbeziteen groot eigenwoningbezit, het grote eigenwoningbezit

Example sentences with eigenwoningbezit

  • De stijging van het vermogen van de 65-plussers is voornamelijk te verklaren door het eigenwoningbezit.
  • Zowel Verhoef als Post zegt dat veel zzp'ers op hun eigen manier voor hun pensioen sparen. Bijvoorbeeld door te beleggen of door eigenwoningbezit.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).