De or het crosser?

The correct Dutch article is:

de crosser

  • Plural: de crossers
  • Diminutive: het crossertje
Meaning (Dutch) (sport) iemand die op een crossfiets of een crossmotor wedstrijden rijdt

How to use crosser

the crosserde crosser
this crosserdeze crosser
that crosserdie crosser
our crosseronze crosser
your crosserjouw crosser
every crosserelke crosser
which crosser?welke crosser?
a big crosser / the big crossereen grote crosser, de grote crosser
the crosser (plural)de crossers, deze crossers

Example sentences with crosser

  • Veldrijder Pim Ronhaar heeft dinsdagavond de Nacht van Woerden voor junioren op zijn naam gebracht. Het was de derde zege van dit seizoen voor de crosser uit Hellendoorn.
  • Coldenhoff, die ook in de zwaarste klasse crost, is aangewezen voor de Open klasse. Vlaanderen, een geboren Zuid-Afrikaan die sinds dit jaar onder de Nederlandse vlag rijdt, is de crosser in de MX2.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).