De or het bouwhal?

The correct Dutch article is:

de bouwhal

  • Plural: de bouwhallen
  • Diminutive: het bouwhalletje
Meaning (Dutch) grote overdekte ruimte die geschikt is voor het bouwen van grote objecten

How to use bouwhal

the bouwhalde bouwhal
this bouwhaldeze bouwhal
that bouwhaldie bouwhal
our bouwhalonze bouwhal
your bouwhaljouw bouwhal
every bouwhalelke bouwhal
which bouwhal?welke bouwhal?
a big bouwhal / the big bouwhaleen grote bouwhal, de grote bouwhal
the bouwhal (plural)de bouwhallen, deze bouwhallen

Example sentences with bouwhal

  • Kijk uit hoor, dit is nog nat.” Frans Bartels (62), coördinator van de bouwhal aan de Lambert de Wijsstraat in Tilburg …
  • In een bouwhal in Den Bosch hebben de leden van carnavalsvereniging De Tierelantijnen maanden aan hun praalwagen gewerkt.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).