De or het biker?

The correct Dutch article is:

de biker

  • Plural: de bikers
Meaning (Dutch) 1. zich stoer gedragende motorrijder 2. (sport) iemand die een parcours door onregelmatig terrein rijdt op een daarvoor ontworpen fiets

How to use biker

the bikerde biker
this bikerdeze biker
that bikerdie biker
our bikeronze biker
your bikerjouw biker
every bikerelke biker
which biker?welke biker?
a big biker / the big bikereen grote biker, de grote biker
the biker (plural)de bikers, deze bikers

Example sentences with biker

  • Zaalgenoot Bloss is behalve een lui, op chips en hamburgers grootgebracht moederskind, een biker die in zijn rolstoel dezelfde botte …
  • Bij kruispunten met wandelpaden maken we kunstmatige hindernissen of een s-bocht, zodat de biker niet met zestig kilometer per uur het pad op stuift.

Dutch words ending in biker

mountainbiker

In compound words, the last part decides the article. See the rule

Dutch words starting with biker

bikersunit

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).