De or het beuzelpraat?

The correct Dutch article is:

de beuzelpraat

  • English: chit-chat, gossip
  • Diminutive: het beuzelpraatje
Meaning (Dutch) (pejoratief) onzin die iemand vertelt

How to use beuzelpraat

the chit-chatde beuzelpraat
this chit-chatdeze beuzelpraat
that chit-chatdie beuzelpraat
our chit-chatonze beuzelpraat
your chit-chatjouw beuzelpraat
every chit-chatelke beuzelpraat
which chit-chat?welke beuzelpraat?
a big chit-chat / the big chit-chateen grote beuzelpraat, de grote beuzelpraat

Example sentences with beuzelpraat

  • Deze jongen had weer enorme beuzelpraat uitgekraamd over de wilde avonturen die hij op zijn vakantie had meegemaakt.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).