De or het achterkleinzoon?

The correct Dutch article is:

de achterkleinzoon

  • English: great-grandson
  • Plural: de achterkleinzonen / achterkleinzoons
  • Diminutive: het achterkleinzoontje
Meaning (Dutch) (familie) de zoon van iemands kleinkind

How to use achterkleinzoon

the great-grandsonde achterkleinzoon
this great-grandsondeze achterkleinzoon
that great-grandsondie achterkleinzoon
our great-grandsononze achterkleinzoon
your great-grandsonjouw achterkleinzoon
every great-grandsonelke achterkleinzoon
which great-grandson?welke achterkleinzoon?
a big great-grandson / the big great-grandsoneen grote achterkleinzoon, de grote achterkleinzoon
the great-grandson (plural)de achterkleinzonen, deze achterkleinzonen

Example sentences with achterkleinzoon

  • Mijn achterkleinzoon heeft een ei-allergie. “My great-grandson has an egg allergy.”
  • De zonen, kleinzonen en achterkleinzonen van een koning zijn prinsen. “The sons, grandsons and great grandsons of the king are princes.”

Dutch words ending in achterkleinzoon

achterachterkleinzoon

In compound words, the last part decides the article. See the rule

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).