De or het aanvanger?

The correct Dutch article is:

de aanvanger

  • Plural: de aanvangers
Meaning (Dutch) 1. iemand die iets start 2. beginneling, onbedrevene

How to use aanvanger

the aanvangerde aanvanger
this aanvangerdeze aanvanger
that aanvangerdie aanvanger
our aanvangeronze aanvanger
your aanvangerjouw aanvanger
every aanvangerelke aanvanger
which aanvanger?welke aanvanger?
a big aanvanger / the big aanvangereen grote aanvanger, de grote aanvanger
the aanvanger (plural)de aanvangers, deze aanvangers

Example sentences with aanvanger

  • Aanvanger.
  • 245: Schoon ik slechts een aanvanger in het levendig Christendom ben en met vele zwakheden nog worstel.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).