De or het aannemer?

The correct Dutch article is:

de aannemer

  • English: contractor
  • Plural: de aannemers
  • Diminutive: het aannemertje
Meaning (Dutch) (beroep) iemand die een (bouw)werk uitvoert tegen een bepaalde prijs

How to use aannemer

the contractorde aannemer
this contractordeze aannemer
that contractordie aannemer
our contractoronze aannemer
your contractorjouw aannemer
every contractorelke aannemer
which contractor?welke aannemer?
a big contractor / the big contractoreen grote aannemer, de grote aannemer
the contractor (plural)de aannemers, deze aannemers

Example sentences with aannemer

  • Toch heb ik die Waalse aannemer drie weken geleden gebeld en gevraagd om dat twee meter hoge hekwerk rond mijn tuin te bouwen.

Dutch words ending in aannemer

hoofdaannemer | onderaannemer

In compound words, the last part decides the article. See the rule

Dutch words starting with aannemer

aannemerij | aannemersbedrijf | aannemerscombinatie | aannemersconcern | aannemersfirma | aannemerskartel | aannemersvergunning | aannemerswereld

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).