De or het aankoper?

The correct Dutch article is:

de aankoper

  • English: buyer, purchaser
  • Plural: de aankopers
Meaning (Dutch) iemand die iets koopt

How to use aankoper

the buyerde aankoper
this buyerdeze aankoper
that buyerdie aankoper
our buyeronze aankoper
your buyerjouw aankoper
every buyerelke aankoper
which buyer?welke aankoper?
a big buyer / the big buyereen grote aankoper, de grote aankoper
the buyer (plural)de aankopers, deze aankopers

Example sentences with aankoper

  • De Zwitsers zouden vooral geïnteresseerd zijn geweest in belastinginspectie van de deelstaat Noordrijn-Westalen, de grootste aankoper van cd's …
  • Vorig jaar kwamen de aankopers het Franse apenorkest op het spoor.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).