De czy het: orgaan?

Poprawny niderlandzki rodzajnik:

het orgaan

  • Polski: narząd, organ
  • Liczba mnoga: de organen
  • Zdrobnienie: het orgaantje
Znaczenie (po niderlandzku) 1. (biologie) onderdeel van het organisme, samengesteld uit weefsels die één of meerdere specifieke functies vervullen, en een macroscopisch of microscopisch afzonderlijk geheel vormt 2. instelling, persoon, publicatie van een organisatie gebruikt als communicatiemiddel

Jak używać orgaan

rodzajnik określony (the)het orgaan
ten / ta / to (this)dit orgaan
tamten / tamta / tamto (that)dat orgaan
nasz / nasza / nasze (our)ons orgaan
twój / twoja / twoje (your)jouw orgaan
każdy / każda / każde (every)elk orgaan
który / która / które? (which)welk orgaan?
z przymiotnikiem (groot = duży)een groot orgaan, het grote orgaan
liczba mnogade organen, deze organen

Przykładowe zdania ze słowem orgaan

  • De familie wil niet hij zijn organen doneert. “The family doesn't want him to donate his organs.”
  • De familie wil niet hij zijn organen afstaat. “The family doesn't want him to donate his organs.”
  • De lever is een orgaan in het menselijk lichaam. “The liver is an organ of the human body.”

Znaczenie, liczba mnoga, zdrobnienie, wymowa i tłumaczenia: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Przykładowe zdania: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).