De czy het: eiwit?
Poprawny niderlandzki rodzajnik:
het eiwit
- Polski: białko
- Liczba mnoga: de eiwitten
- Zdrobnienie: het eiwitje
Znaczenie (po niderlandzku)
1. (dierkunde, kookkunst) het deel van een ei waarin de dooier ligt
2. (biochemie) een tot een klasse van polymere stoffen met een hoog moleculair gewicht behorende stof die samengesteld is uit diverse alfa-aminozuren verbonden door peptidebindingen
Jak używać eiwit
| rodzajnik określony (the) | het eiwit |
|---|---|
| ten / ta / to (this) | dit eiwit |
| tamten / tamta / tamto (that) | dat eiwit |
| nasz / nasza / nasze (our) | ons eiwit |
| twój / twoja / twoje (your) | jouw eiwit |
| każdy / każda / każde (every) | elk eiwit |
| który / która / które? (which) | welk eiwit? |
| z przymiotnikiem (groot = duży) | een groot eiwit, het grote eiwit |
| liczba mnoga | de eiwitten, deze eiwitten |
Przykładowe zdania ze słowem eiwit
- Fosforylering is een van de meest voorkomende modificaties die de cel gebruikt om het gedrag van zijn eiwitten te reguleren. “Phosphorylation is one of the most common modifications used by the cell to regulate the behavior of its proteins.”
- Ik hou van eiwit. “I like the white of an egg.”
- Ik heb eiwitten gegeten. “I've been eating protein.”
Więcej niderlandzkich słów
Znaczenie, liczba mnoga, zdrobnienie, wymowa i tłumaczenia: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Przykładowe zdania: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).