De czy het: anijs?
Poprawny niderlandzki rodzajnik:
de anijs
- Polski: anise
Znaczenie (po niderlandzku)
1. (bloemplanten) bepaald soort schermbloemige plant, Pimpinella anisum
2. (kruid, medisch) zaad van Pimpinella anisum, gebruikt om de geur en smaak van gerechten en dranken aantrekkelijker te maken of als geneesmiddel
Jak używać anijs
| rodzajnik określony (the) | de anijs |
|---|---|
| ten / ta / to (this) | deze anijs |
| tamten / tamta / tamto (that) | die anijs |
| nasz / nasza / nasze (our) | onze anijs |
| twój / twoja / twoje (your) | jouw anijs |
| każdy / każda / każde (every) | elke anijs |
| który / która / które? (which) | welke anijs? |
| z przymiotnikiem (groot = duży) | een grote anijs, de grote anijs |
Przykładowe zdania ze słowem anijs
- Anijs wordt gebruikt voor het aromatiseren van gerechten en kan daarnaast een medicinale werking hebben.
- In een van haar lusthoven, waar ze 's morgens vertoeft, groeit de peper, de anijs, de gember en alle denkbare zuidvruchten; (…)
Znaczenie, liczba mnoga, zdrobnienie, wymowa i tłumaczenia: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Przykładowe zdania: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).