De czy het: aanrijding?

Poprawny niderlandzki rodzajnik:

de aanrijding

  • Polski: kolizja
  • Liczba mnoga: de aanrijdingen
  • Zdrobnienie: het aanrijdinkje
Reguła Words ending in -ing: almost always de. Zobacz regułę
Znaczenie (po niderlandzku) botsing met een voertuig, ongeval

Jak używać aanrijding

rodzajnik określony (the)de aanrijding
ten / ta / to (this)deze aanrijding
tamten / tamta / tamto (that)die aanrijding
nasz / nasza / nasze (our)onze aanrijding
twój / twoja / twoje (your)jouw aanrijding
każdy / każda / każde (every)elke aanrijding
który / która / które? (which)welke aanrijding?
z przymiotnikiem (groot = duży)een grote aanrijding, de grote aanrijding
liczba mnogade aanrijdingen, deze aanrijdingen

Przykładowe zdania ze słowem aanrijding

  • Na de aanrijding zat er een grote deuk in de bak van de vrachtauto maar er waren gelukkig geen gewonden of doden te betreuren.
  • Om een aanrijding te voorkomen, week ik uit naar links, slipte een beetje, en op dat moment doemde er in de bocht een tegemoetkomende vrachtwagen op.

Więcej niderlandzkich słów

rits

Znaczenie, liczba mnoga, zdrobnienie, wymowa i tłumaczenia: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Przykładowe zdania: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).